(27 jan 1999) Day 19: Franz Josef -> Queenstown

Een van de langere trips vandaag, over de 400km.

Het eerste gedeelte van de trip gaat door behoorlijk dicht woud.
Daarna worden we voortdurend aan beide zijden geflankeerd door bergen,
spits en voornamelijk begroeid met de enkele kale uitzondering.

Een stukje van de tocht voert ons ook weer langs de kust met fraaie
uitzichten op verlaten stranden en de golven die langs uit de zee
opstekende stukken rots spoelen.

We worden eenmaal opgehouden door een heus stel cowboys: koeien,
mannen te paard met hoeden en honden (niet te paard).

Daarna volgt de weg een poos een bijzonder heldere en groenkleurige
rivier. De begroeing aan weerszijden van ons op het zuid-eiland is nu
duidelijk verschillend van die op het noord-eiland. Een enkele palmboom
of subtropisch stuk vegetatie is nog te vinden, maar in het algemeen
wordt de vegetatie gedomineerd door bomen en ietwat robuuster ogende
struiken en gras.

Thunder Falls is een leuke, maar korte stop onderweg. We worden weer eens
opgegeten door de hongerige muggen.

We rijden inmiddels Central Otago in, een gebied in Nieuw Zeeland waar
in het verleden veel goud werd gezocht. Het landschap is wat vlakker en
droger, omringd door de zuidelijke alpen.

Midden in een winderig, stoffig landschap vinden we Albert's stadje.

De bergen lijken met hun voeten in Lake Wanaka en Lake Hawea te staan.
Het water is zeer helder donkerblauw en doet bijna samen met de omgeving
als een stuwmeer aan.

Voor Queenstown kijken we hoe mensen bungy jumpen van een brug en daarna
rijden we het compacte (7500 inwoners) en tegen de heuvels opgebouwde
Queenstown binnen. We verkennen de stad en ontdekken dat deze grotendeels
gedomineerd wordt door zaken die allerlei activiteiten aan de man proberen
te brengen.
One of our longer trips today, over 400km.

The first part of the trip goes through pretty dense forest.
After that we're being watched by steep sharp edged mountains on both
sides of the road, mostly green but sometimes with barren tops and
the odd one with a little snow on it.

The road travels a little along the coast as well. The nice views show
empty beaches and waves crashing on huge lumps of rock sticking out of
the sea.

We have to stop to let some real cowboys herd a bunch of cows over the
road. The real stuff: on horseback, hats, dogs and all (the cowboys that
is, not the cows)

When we enter Central Otago the landscape changes into a more flat and
dry one with mountainranges surrounding it. In the past this area was
swarmed with gold diggers.

We follow the course of a very clear en green colored river.
De growth on both sides of the road is mostly trees and more fierce
looking vegetation. Subtropical vegetation or palms can very seldom
be spotted. A major difference with the north island.

At Thunder Falls we stop to take a look at a nice waterfall but we have to
retreat very fast because we're being bitten by dozens of very hungry flies.

Somewhere hidden in a windy and dusty corner of New Zealand we find
Alberts town.

The mountains look like they're standing with their feet in Lake Wanaka
and Lake Hawea.

Short of Queenstown, 23km, we watch people bungy jumping from a bridge.
Entering compact and small (pop. 7500) Queenstown where the houses are
build along a lake up the hills we're browsing around a bit to have a look
at what the town has to offer. Besides dozens of restaurants, some bars
and uncountable shops where you can book any sort of activity it seems
Queenstown doesn't really have to offer that much.