Peru 2: Archeologie en terug naar de Andes

Waarin we verslag doen van archeologie, hamsterende bejaarden, een eendenkloof, vermomde paprika’s en Hitler

Het licht in de tunnel

Trujillo

We stoppen in Trujillo op basis van informatie uit blogs, waarin wordt vermeld dat deze stad mooi is en een stop waard. Dat blijkt. Bij een eerste verkenning zijn veel koloniale huizen blijven staan na het vertrek van de Spanjaarden, die nu dienst doen als bank of museum en vaak deels te bezoeken zijn door toeristen. De toegang is gratis. Overal wordt door een serieuze meneer in een zeer serieus uniform en in een dik boek bijgehouden wanneer je arriveert- datum en tijd - het land van herkomst, je paspoortnummer en de tijd dat je weer vertrekt. Wat met al die grote boeken vervolgens gebeurt is ons een raadsel :). Op een aantal straathoeken zitten mannen (zonder uniform) met een analoge, jawel typemachine. Zo een met een lint, niks laatste regel onthouden of een tipex lint. Op witte A4tjes tikken ze brieven voor klanten, die naast hen staan en dicteren wat er in de brief moet staan. Ongeveer om de drie winkeltjes kun je ook copias -kopieën - laten maken en er wordt veel gebruik van gemaakt. De papieren bureaucratie viert hier blijkbaar hoogtij.

Het is een rare tegenstelling in een stad waar ook iedereen met zijn telefoon betaald. Ook de kopietjes, dat dan weer wel :)

Ook het vermelden waard: een heus voetgangersgebied.

We sluiten de dag af met ijsjes en een enigszins tegenvallende pasta bij een pizzeria. Morgen gaan we naar de archeologische site Chan Chan en als we tijd hebben naar nog een aantal archeologische sites in en rond de stad.

Chan Chan

We besluiten taxi’s te nemen om de sites te bezoeken en niet te gaan fietsen. Het verkeer is druk en het is tenslotte onze “rustdag”. Ook besluiten we nog een dagje extra aan ons verblijf in Trujillo te plakken. We hebben een mooie kamer in het hotel, een ontbijtbuffet (daar zijn wij groot fan van) en een dakterras met zwembadje op onze verdieping.

We beginnen de dag met het ontbijtbuffet. Anders dan gisteren komen we beneden in een oorverdovend gekakel van zeker vijftig ook ontbijtende dames.

Ze hebben allemaal een handtasje bij zich en met stijgende verbazing kijken wij toe hoe hierin het eten verdwijnt. De dames proppen alle zakjes muesli, bakjes yogurt, plakjes cake, gesmeerde broodjes, in hun handtasje en als dat mogelijk is, ook in dat van de buurvrouw. Ongegeneerd wordt er gehamsterd. Heel bijzonder. De aanvulling van het ontbijt laat steeds langer op zich wachten en wij verdenken de bediening ervan dat ze op deze wijze het ontbijt enigszins onder controle willen houden. Na toch nog wat ontbijt te hebben kunnen redden van de dames, gaan we op weg.

Een taxi blijkt in een mum van tijd gevonden en tegen 9.30 uur lopen we het museum van Chan Chan binnen. Het is een mooi en overzichtelijk museum met zowel in Spaans als Engels uitleg en veel informatie over de geschiedenis van Noord Peru. Ons was al eens duidelijk geworden dat de tot de verbeelding sprekende Inca’s hier eigenlijk maar 100 tot 200 jaar de dienst uitmaakten. Zij hebben de vaak zeer innovatieve volken die voor hen heersden vlotjes gedwongen zich aan te passen en anders uitgemoord.

De Spanjaarden hebben Inca’s vervolgens op verrassend simpele wijze van de troon gestoten. Door de (Europese) ziektes te verspreiden waar veel van hen aan bezweken, maar ook de burgeroorlog onder de Inca’s heeft hieraan zeker bijgedragen.

De Moche en de Chimú waren in Noord Peru de precolumbiaanse volken die de irrigatiesystemen aanlegden voor akkerbouw en veeteelt, paleizen en piramides bouwden voor hun leiders, zeer verfijnde metalen voorwerpen en keramiek produceerden.

Chan Chan

Chan Chan is de waarschijnlijke hoofdstad van de Chimú, en de grootste adobe (leembouw) stad ter wereld. Er staan negen paleizen van negen afzonderlijke leiders. Ieder paleis werd gebouwd voor één heerser en bevatte een ceremonieel gedeelte, een leefgedeelte en een begraafplaats. Met het sterven van de heerser werden zijn 90 vrouwen samen met hem begraven en veranderde een paleis dus in een mausoleum (bron: Wikidepia).

De site is erg indrukwekkend. Een paleis is bijna volledig opgegraven en ook van binnen te bezoeken.

Chan Chan: in het paleis

De site is ook vrij groot, we hebben een aardig stuk gewandeld, maar een groot gedeelte van de site is nog aan actief onderzoek en restauratie onderhevig.

Chan Chan: uitzicht over de site vanaf de uitkijktoren

Huaca del Dragón

Richting de volgende site pakken we een taxi naar de een paar km verderop gelegen Huaca (piramide) del Dragón. Naast één andere toerist is hier niemand, ondanks dat het een bezoek zeer de moeite waard is. Vanuit de taxi zagen we nog een piramide liggen, een paar honderd meter verderop.
Er liepen duidelijk plankenpaden overheen, dus we besluiten na Del Dragón nog even langs te gaan. Het hek hier zit echter dicht, maar alles is aangeveegd en van paden voorzien en na wat roepen verschijnt een bewaker. Hij meldt ons dat de site al sinds 2023 dicht is vanwege een op instorten staande of ingestorte muur… Jammer. De man zit hier al 3 jaar in zijn hokje achter een dicht hek, ook best verdrietig.

Huaca del Dragón: relief

Huaca del Sol y la Luna

Het loopt tegen 14 uur als we een taxi nemen naar de laatste hoofd attractie: de Huacas del Sol y la Luna. De piramides van de zon en de maan. De taxi moet zich door de binnenstad wurmen en komt drie kwartier later op de bestemming aan. Daar blijkt dat de site en het museum dichtgaan om 15 uur. De bewaking en de gidsen overleggen naarstig en besluiten nog wel een uurtje door te kunnen. Top! We krijgen een mooie rondleiding in het Engels op de Huaca la Luna (del Sol is dicht voor het publiek sinds 2013).

Huaca del Luna: op weg naar de site met de gids

Onze gids is een oudere man, die in deze buurt is opgegroeid en als vrijwilliger bij de site werkt (lees: vrijwillige bijdrage). Hij vertelt gepassioneerd over de resten en weet er in groot detail over te vertellen. Op onze vraag waarom de Huaca del Sol niet open is voor publiek vertelt hij dat de Staat nog geen goed plan heeft voor de opgraving ervan (wat mogelijk synoniem is voor: geen geld). Hij vertelt dat hij als kind in/op de Huaca del Sol speelde en dat de muurschilderingen daar nog mooier en beter bewaard zijn dan de ook bijzonder goed bewaarde schilderingen van de Huaca del Luna.

Huaca del Luna: piramide niveaus

Huaca del Luna: mooi bewaard gebleven gekleurde relief tekeningen

Huaca del Luna: uitzicht op Huaca del Sol

Eén van de goden die werd afgebeeld lijkt op een uil. Tijdens de rondleiding meldt hij dat deze God nog steeds aanwezig is en wijst ons op een klein uiltje in de hoek van het afschermende dak. Er zit al een uilenfamilie zolang hij zich kan herinneren vertelt hij, dat kan geen toeval zijn.

Na de rondleiding, krijgen we nog een half uurtje om het museum te bekijken. Al het personeel gaat vandaag anderhalf uur later naar huis. Ook het museum is erg indrukwekkend en zeer informatief. Samen met Harry, een Engels/Luxemburgse backpacker die we tijdens de rondleiding treffen, nemen we een collectivo: een 12 persoons busje dat je kan aanhouden door te zwaaien en je dan samen met minstens 12 andere passagiers voor een paar Soles afzet in de stad. Harry moet een nachtbus halen en heeft nog even tijd, dus in de stad doen we gezamenlijk nog een stuk taart en een zoete rode wijn met ijs, die best heel okay smaakt!

De volgende dag nemen we ons voor niets te doen. Helemaal niets. Nou ja, we moeten de route voor morgen nakijken en vast even zoeken naar overnachtinglocaties. En was er niet een volledig ontoegankelijke brug ergens? Toch maar even nakijken… Onze niksdoedag is toch weer volgelopen met planning, boodschappen en pinnen, maar voor morgen is geregeld!

Afscheid van de kust (en de PanAm)

Vanaf Trujillo is het nog eens 90km of 130km fietsen over de PanAm tot de afslag richting het Andes gebergte. De 90km variant komt uiteindelijk via een brug terug op dezelfde weg als de 130km variant, maar de brug is volgens Internet bronnen inmiddels niet meer dan een paar dunne spijlen metaal. Gezien onze ontbrekende circus skills wordt het dus de langere route.

Een onaanlokkelijke PanAm vooruitzicht, met nog eens hoogtemeters, een verstuikte neusvleugel en de hond heeft het huiswerk opgegeten… genoeg excuses om een alternatief te zoeken.

Op de InDrive App slagen we na een paar mislukte pogingen om onze fietsen als “Freight” en onszelf als passagiers op te geven. Een van de reagerende chauffeurs heeft een truckje met laadbak, een dubbele cabine en vraagt een redelijke prijs.
De 28e mei rijden hij en zijn vrouw ons naar het dorp Santa. Er zijn zelfs werkende gordels, fantastisch. Ze waarschuwen ons onderweg voor de rovers en criminelen en drukken ons op het hart vooral voorzichtig te zijn. We worden vaak gewaarschuwd voor criminelen en afhankelijk van in welk land je zit zijn dit met name de Anderen: Venazuelanen, de Ecuadorianen of de Colombianen. Tot nu toe hebben we alleen maar positieve ervaringen en we hopen dat dat zo blijft.

Onderweg langs de PanAm zijn vele wilde struiken ontploft in met bloemen in verschillende felle kleuren, maar verder veel meer van hetzelfde, inclusief de voorspelde hoogtemeters en toeterende vrachtwagens. We zijn blij met de gekozen optie.

Ongeveer 450km ten noorden van Lima laden we af in het dorp Santa.

In Santa Van de PanAm af

We pakken een lunch van empanadas en slaan daarna af richting de bergen.
Na een hele 20km over een heerlijk rustige weg door groen agrarisch landschap klimmen we een kleine heuvel op. Na wat gemopper over het korte steile zandpad (15% of meer) arriveren we de accommodatie waar we onszelf voor vannacht op hebben getrakteerd, een lekker rustig gelegen Glamping.

Glamping

En dan niet luxueus kamperen, maar een klein huisje met buiten douche, toilet, keukentje en bad. Alles met uitzicht over de vallei. Het bad is groot genoeg voor twee personen, relatief diep en moet het hebben van verwarming door de zon. Met andere woorden: een mooie foto, maar voornamelijk erg verfrissend, We koken een eigen potje met groentes (lekker !) en genieten ’s nachts van de zeldzame stilte terwijl er wel mensen zijn, een tot nu toe zeldzaam gegeven.

Hierna fietsen we in drie dagen omhoog richting de bergketens Cordillera Negra en Cordillera Blanca. Eerst nog over de rustige weg door de landelijke vallei geleidelijk omhoog.

En inderdaad, nee, hier waren we met de fiets niet overheen gegaan

We kamperen onderweg bij George - een gemoedelijke oudere man die ooit een winkeltje had met daarnaast een betonnen plaat en een stukje grond met een toiletblok.
Genoeg gelegenheid voor langstrekkende campers en fietsers om aan te kloppen voor een overnachting. George zit in de schaduw met een vriend die een poging doet een oud verroest fietsje te repareren. We mogen de tent op het stukje grond opzetten en hij heeft zelfs wifi. Na het gebruikelijke gesprekje over waar we vandaan komen (zowel land als tocht) en onze bestemming harkt hij nog wat boomafval en smeulende restanten weg, onderwijl grappend dat hij van zijn vrouw altijd moest schoonmaken en zijn snor dan drukte, maar nu wel helpt met schoonmaken.
Helemaal is hij niet genezen van zijn oude gewoontjes, later komt dochterlief het werk nog afmaken door ook de smeulende hoopjes met water te besproeien. We vroegen ons al af waarom er zo’n doordringende brandgeur in de tent hing.

Kamperen bij George

Ondanks dat de weg rustig is, blijkt zoals vaak in deze oorden, dat er toch nog genoeg na de aanwezige hoge verkeersdrempels optrekkend (vracht)verkeer voorbij komt om helaas een wat verstoorde nachtrust op te leveren.
Dit herhaalt zich bij onze volgende stop in een hostel in een piepklein dorpje. De dorpelingen kijken verbaasd naar de Gringo’s die een kort rondje wandelen, maar groeten vriendelijk Buenas Noches. Zoals vaker heeft het dorp ondanks de geringe omvang wel een restaurant, en ook hier eten we een betaalbare en smakelijke maaltijd.

De volgende dag begint met de verdere klim door de spectaculaire, door de Rio Santa rivier uitgesleten, Cañon del Pato (Kloof van de Eend - je moet het iets noemen).

Cañon del Pato, hier nog met verharding, maar dat hield snel op

De onverharde weg door de nauwe kloof is op veel plaatsen net breed genoeg voor anderhalf voertuig en gaat door 36 of 46 kleine tunnels - afhankelijk welke Wikipedia pagina correct is - we zijn ergens gestopt met tellen. De tunnels zijn veelal erg kort en niet vervelend, mede omdat de weg nog steeds rustig is. Heel af en toe komt een bus, vrachtwagen auto of zelfs camper langs. De route schijnt ook in een televisieprogramma voor te komen over de meest gevaarlijke wegen ter wereld. Op de fiets is het een prachtige en ongevaarlijke tocht.

Cañon del Pato, en drie tunneltjes

En dan ploppen we plotseling uit de kloof en fietsen een vallei in om de laatste kilometers te klimmen naar een stop- en rustpunt. Onderweg lunchen we nog ergens om naast de beenspieren ook de kaakspieren wat training te geven: het vlees in de maaltijd is van zodanig taaie aard dat we na vakkundig malen in goede imitatie van een koe toch niet door diens vlees heen weten te komen en het uitgekauwd op het bord achterlaten.

Caraz

(alwaar we tot onze schande geen foto hebben gemaakt)

Het aangename plaatsje Caraz is, zoals veelal in Peru, gelegen rond het centrale Plaza De Armas - met parkje en kerk. We kopen eerst ons bijna dagelijkse ijsje en proberen aan te kloppen bij een hostel met goede reviews, maar uiteindelijk verschijnt alleen een schuchter kind om te melden dat moeder over ongeveer twee uur terug is. Geen nood, we lunchen met een groot bord noodles in een Chifa, ons ondertussen afvragend wat alle fanatieke fanfare en blaasinstrument-acties buiten te beduiden heeft. Na twee uur wachten krijgen we nog steeds geen reactie van het hostel, maar knopen wel twee Franse meiden een gesprekje met ons aan. Zij fietsen ook in Peru, en ze zijn de eerste andere fietsers die we tegenkomen na de Franse man bij de grens met Ecuador. Via hen komen we in de WhatsApp groep voor fietsers in Zuid Amerika, wat heel fijn is. Zo blijven we op de hoogte van wat andere fietsers meemaken op dit continent. Hun hostel organiseert ook een trip naar het mooie Paron meer, waar wij voor morgen onze zinnen op gezet hadden. Op de vraag of hun hostel ook rustig is, komt van een van hen volmondig NEE. Uiteindelijk besluiten we te kiezen voor een tour via hun hostel en een iets duurder hotel een paar meter verderop om te overnachten - en zijn daar naderhand erg blij mee. ’s avonds barst in alle hevigheid het vervolg los van festiviteiten waar ook de fanfare bij betrokken is. Vanuit onze kamer is de tot laat voortdurende feestherrie met oordoppen voldoende te dempen, maar als moederlief niet uren weg was geweest, dan had ons bed bijna midden in de vieringen gestaan. We leren dat het gaat om een herdenking van de 1970 Ancash aardbeving, waarover later meer.

De volgende morgen melden we ons bij het hostel van de Franse dames voor de trip naar het Paron meer. In plaats van met de fiets 30km steil over een zeer slecht wegdek 2000m omhoog te klimmen, laten we ons als echte toeristen naar boven rijden. Het laatste stuk gaat door een prachtig berglandschap met watervallen en hoge besneeuwde toppen. Laguna Paron ligt op 4155m hoogte en is een prachtig turquoise meer, omringd door 6000+ meter hoge besneeuwde bergen.

Laguna Paron

We lopen een stuk langs een kant van het meer tot we niet verder kunnen zonder bergklimgereedschappen, we lopen terug en klimmen daarna naar een uitzichtpunt vanaf waar we genieten van een 360 graden over alle besneeuwde toppen en het meer.

Wandeling langs de Laguna Paron

Terug in Caraz blijkt onze hotelkeuze alleen maar beter, op het centrale plein staan nu ’s avonds vrachtwagens luidruchtig grote stukken puin te ontvangen, te ronken en te piepen.

Yungay

Na voor ons een fijne nachtrust fietsen we langs Yungay richting Huaraz.
31 mei 1970 vond 35km uit de kust van Chimbote een zeebeving plaats met een kracht van 7.9 op de schaal van Richter.
Een land oppervlakte groter dan Nederland en België gecombineerd kreeg te maken met de effecten deze beving, in zo ernstige mate dat in de steden Chimbote, Carhuaz and Recuay, tussen 80% and 90% van de gebouwen werd vernietigd met impact voor drie miljoen mensen.

Voor de plaatsen Yungay en Ranrahirca was de ramp nog veel groter: er scheurde een deel van de berg Huascarán, waardoor zo’n grote rotsen-, ijs- en sneeuwlawine loskwam dat de dorpen volledig werden bedolven met 20.000 slachtoffers tot gevolg. De ramp heeft uiteindelijk 70.000 mensen het leven gekost. Het tragische is dat deze lawine al in 1962 werd voorspeld door twee wetenschappers, maar dat hen en de bevolking door de Peruaanse regering de mond is gesnoerd (maak daarvan wat je wil…)
De herdenking met een curieus feestelijk tintje in Caraz was voor deze ramp.

Tegenwoordig is het originele Yungay een nationale herdenkingsplaats, een heuvel waaronder de slachtoffers nog altijd liggen.

Monument bij Yungay

Huaraz

Huaraz is een centrale plaats voor veel hikers en bikers in de Cordillera Blanca regio. De stad valt ons een beetje tegen, maar we vinden een mooi rustig hostel met een vriendelijke eigenaresse. In het hostel kan zelf gekookt worden, en gratis thee getapt van verschillende varianten. Zo proberen we een kop thee van coca bladeren. Tja, beetje brandnetel thee, we worden er niet veel energieker van, en van hoogteziekte hadden we al geen last.

We onderzoeken een dag wat we zelf gaan doen: gaan we ook nog in de omgeving fietsen, en wat gaan we doen met een eventuele route verder zuidwaarts over de Peru Great Divide (de “PGD”). Dit schijnt een van de mooiste, maar ook zwaarste fietsroutes ter wereld te zijn. Bloggers die tweederde van de route hebben gefietst zijn over veelal ruige en slechte wegen over 15 passen boven de 4000m gefietst, waarvan twee ruim boven de 4900m.
Aangeraden wordt om licht bepakt te gaan, en liefst op een gravel- of MTB-achtige fiets. Geen van beide is van toepassing op onze ijzeren rossen met bepakking. Daarentegen hebben meer zoals ons uitgeruste lange afstandfietsers de tocht volbracht, al of niet gedeeltelijk.
We sorteren onze bagage om te kijken wat we vooruit kunnen sturen naar Cusco om met minder gewicht te hoeven fietsen. Via Internet en de hostel eigenaresse vernemen we dat we dat een betrouwbare courier hiervoor gebruikt kan worden, en zij hebben in Huaraz een kantoor. Als we met onze doos verschijnen blijkt dat ook de lokale bevolking op de hoogte is van de goede reputatie: een lange rij pakjes ophalende en brengende mensen staat op de stoep te wachten. Omdat we nog de nodige aanvullende vragen hebben, druipen we wat ontmoedigd af om het later op de dag nog eens te proberen. Het is ietsje rustiger bij onze terugkeer en we worden uitgebreid geholpen door het personeel en Google Translate. Er is nogal wat verwarring aan beide kanten, want de dienst blijkt niet echt ingericht te zijn voor niet-Peruanen. Toch weten we de doos op vervoer te krijgen naar een hostel in Cusco, waar we deze over een aantal weken weer op hopen te halen.

In Huaraz leren we nog een belangrijke levensles:
een paprika met een klein steeltje is toch echt een peper.
Deze wijze les slaan we vervolgens later nog eens in de wind (maar tenslotte stoot alleen een ezel zich maar een keer aan dezelfde steen, een mens kan dat prima vaker).
In het hostel koken we zelf ons eten (groente !) en gelukkig wordt de maaltijd gered omdat de kok de slechte gewoonte heeft om van een stukje afgesneden paprika te snoepen. Nou ja, peper dus.
Maar tja, in het Spaans is een peper “pimienta” en een paprika “pimiento”. En dan hebben we het over paprika op zijn Nederlands. In het Engels is paprika dan weer chili poeder, en een paprika een bell pepper. Wat kan het leven toch verwarrend zijn.

De start van de Peru Great Divide

Na het besluit om niet vanuit Huaraz wandelingen of fietstochten te maken, fietsen we over uitstekend asfalt zuidwaarts. Onderweg leren we van een uithangbord dat een lokale politicus genaamd Hitler zich verkiesbaar stelt voor de aankomende verkiezingen van 6 juni.

Bij de afslag naar het Huscaran National Park en de toeristische trekpleister de Pastoruri gletsjer, een variant op de originele route van de PGD, betalen we entree. Dat geld wordt duidelijk niet gebruikt voor egaliserende verhardingsmaatregelen van de weg.
Het wegdek verandert gelijk in een verzameling keien, grind en her en der wasbord. We blijven stijgen en het wegdek vergroot de vereiste lichamelijke inspanning aanzienlijk. Daarnaast hopen we ten zeerste op een wegdek als dit geen lekke banden te rijden.

Huscaran National Park

We verbazen onszelf met de dagafstand en halen een verlaten bezoekerscentrum gelegen op 4125m. We zetten onze tent op op de parkeerplaats, die uit het zicht van de weg ligt. Niet dat er hier veel verkeer is.

Kamperen bij het verlaten bezoekerscentrum

Tijdens het eten van ons potje pasta denken we het geluid van een drone te horen. Bij nader onderzoek blijkt achter het bezoekerscentrum Bram, een Engelse fietser, te kamperen die inderdaad opnamen met een drone aan het maken is. We maken een praatje en wisselen ervaringen uit en besluiten in de morgen te kijken of we samen een eind kunnen fietsen, afhankelijk van de snelheid waarmee ieder vertrekt.

De koude nacht met vorst brengen we qua temperatuur prima door in onze lakenzakken, in dons gevoerde slaapzakken, op onze dons gevoerde luchtbedden op isolatiematjes. Al dat mee te slepen gewicht is dan toch wel prettig.

Bram komt tijdens ons inpakken buurten en we besluiten samen verder te fietsen. Voor onszelf besluiten we om te kijken hoe het gaat qua heftigheid en de al of niet geschiktheid van onze fietsen.

Het is 5 juni, en ons Peru Great Divide avontuur is beginnen !

Foto’s

[door op de eerste foto te klikken, kun je doorklikken links/rechts naar de andere foto’s]

Chan Chan (museum): Intact gebleven houten beelden

Chan Chan adobe muur

Chan Chan: vis motief relief

Chan Chan: in het paleis

Chan Chan: relief

Chan Chan: relief

Huaca del Dragón: net echt

Huaca del Luna

Huaca del Luna: mooi bewaard gebleven gekleurde relief tekeningen

Huaca del Luna: mooi bewaard gebleven gekleurde relief tekeningen

Huaca del Luna: mooi bewaard gebleven gekleurde relief tekeningen

Huaca del Luna: elk seizoen heeft een eigen gezicht

Huaca del Luna: de goddelijke uil is er nog

Huaca del Luna: mooi bewaard gebleven gekleurde relief tekeningen

Huaca del Luna: museum - coca bladeren kauwende gezichten

De Peruanen zijn grote liefhebbers van Mayonaise

.. en de keuze ingeblikte vis is zeker niet gering

Door de groene vallei

Glamping en zonsondergang over de vallei

De bergen doemen al op

De weg wordt smaller

Omhoog door de rotsen

Omhoog door de rotsen

Mooi uitje voor de geologie of aardwetenschap klas

We denken drogende pepers

Drukte

Uitzicht

Cañon del Pato

Nog zo’n mooi uitje voor de geologie of aardwetenschap klas

Overhangende rots in de kloof

Soms is het licht in de tunnel de volgende tunnel

We volgen de Santa rivier

Uitzichtje

Uitzichtje

Kleuren palet

Smalle weg door de kloof

En toch past de bus ook

Uit de Cañon del Pato

Laguna Paron

Laguna Paron

Laguna Paron

Uitzicht op 6000+ meter hoge bergen bij Laguna Paron

Laguna Paron bij de Mirador

De gescheurde berg bij Yungay

Een bijzondere kandidaat

Afslag naar Huscaran National Park, het wegdek lijkt misschien ok, maar is een uitdaging om te fietsen